Tanden en kiezen zijn opgebouwd uit twee delen: de kroon en de wortel. De kroon is het gedeelte dat je boven het tandvlees ziet, terwijl de wortel onder het tandvlees in het kaakbot vastzit. In de wortel loopt één of meerdere kleine kanaaltjes, de wortelkanalen. Deze bevatten de pulpa: levend weefsel met onder andere bindweefsel, zenuwbanen en fijne bloedvaatjes.
Wanneer een tand of kies beschadigd raakt door gaatjes (cariës) of bijvoorbeeld een ongeluk, kunnen bacteriën doordringen tot in het wortelkanaal. Hierdoor kan de zenuw geïrriteerd raken, ontsteken en uiteindelijk afsterven. Zo’n ontsteking veroorzaakt vaak pijn, maar kan soms ook zonder duidelijke klachten verlopen. Door de infectie kan bovendien een ontsteking ontstaan in het kaakbot rondom de wortelpunt. Dit is op röntgenfoto’s meestal goed zichtbaar.
Omdat zowel de ontstoken zenuw als de ontsteking in het omringende kaakbot de tand of kies in gevaar brengen, is een wortelkanaalbehandeling nodig. Daarmee probeert de tandarts verdere schade en klachten te voorkomen.
Tijdens een wortelkanaalbehandeling worden de wortelkanalen grondig gereinigd en daarna opgevuld. Hieronder staat de behandeling stap voor stap uitgelegd.
01.
Eerste consult
De eerste afspraak duurt ongeveer 30 minuten en omvat een kennismaking. U wordt direct geïnformeerd over de uitkomst en ontvangt een behandelplan en kostenbegroting.
02.
Röntgenfoto’s maken
Voor en tijdens de wortel-kanaalbehandeling maakt de tandarts röntgenfoto’s om het aantal kanalen te zien en de behandeling te controleren.
03.
Verdoving
De behandeling gebeurt onder plaatselijke verdoving. Als de zenuw al is afgestorven, is verdoving soms niet nodig.
04.
Rubberdam
Een rubberdam (non-latex) sluit de tand of kies af van speeksel en bacteriën en beschermt de mond tegen spoelmiddelen en instrumenten.
05.
Tand of kies openen
De tandarts maakt een kleine opening op de kauwvlak om bij de wortelkanalen te komen.
06.
Reinigen
Het ontstoken of dode weefsel wordt verwijderd met kleine vijltjes en de kanalen gespoeld met een desinfecterend middel.
07.
Opvullen
De kanalen worden gevuld met rubberen stiftjes om nieuwe ontstekingen te voorkomen. Vervolgens wordt de kies afgesloten met een vulling.
Meestal heeft u na de behandeling nauwelijks napijn. Soms is een extra afspraak nodig om de tand of kies verder af te werken, eventueel met een kroon. Na ongeveer een jaar volgt meestal een controle met een röntgenfoto om te bekijken of het bot rond de wortel goed is genezen.
In de meeste gevallen is één wortelkanaalbehandeling voldoende. Toch kan het gebeuren dat de ontsteking bij de wortelpunt niet volledig geneest. Dan kunnen er opnieuw klachten ontstaan. Met een herbehandeling is het vaak mogelijk de tand of kies alsnog te behouden: het oude vulmateriaal wordt verwijderd, het kanaal wordt opnieuw schoongemaakt en daarna opnieuw gevuld.